Als politicus mag je dat nooit zeggen, zo is de regel. Want je gelijk halen komt arrogant en betweterig over. Maar wij politici zijn net mensen en dus kon ik dat gevoel toch niet onderdrukken toen ik een brief las van het college waarin wordt gemeld dat het zwembad alsnog op de lijst komt van maatschappelijke activiteiten die een inbreuk maken op de vrije markt. De gehele sport en al het maatschappelijk vastgoed overigens. Precies zoals PvdA en ikzelf vorig jaar zomer en in januari bepleitten.

Wet Markt en Overheid

Samen met de PvdA hebben we sinds het voorjaar van 2016 gewaarschuwd dat de lijst te kort zou zijn. Daarvoor hadden we een hele serie argumenten, maar die van het zwembad zijn het meest concreet. Want het ging om de Wet Markt en Overheid. Deze wet regelt dat als de overheid (zoals een gemeente) zich op de commerciële markt begeeft zij dezelfde regels in acht moet nemen als gewone bedrijven. Maar, zo zegt de wet, dat hoeft niet als je zo’n activiteit op een speciale lijst zet omdat er een maatschappelijk belang is.

Bijvoorbeeld het zwembad Overboord. Dat zwembad is van de gemeente en wordt voor ons geëxploiteerd door Optisport. Die zijn daar goed in en hebben daar verstand van, wij als gemeente niet. Maar we vinden het wel belangrijk dat iedereen kan zwemmen. Zo belangrijk dat we Optisport zelfs een exploitatiesubsidie geven om de toegangsprijzen laag te kunnen houden.

Daarmee grijpen we als overheid in op de vrije markt. Er zijn tenslotte meer zwembaden in onze gemeente en die krijgen die exploitatiesubsidie niet. Daarmee treedt er oneerlijke concurrentie op en dat mag niet volgens de wet. Behalve dus als je het zwembad dus op die lijst zet.

Autoriteit Consument en Markt

Al deze argumenten hebben we uitgebreid onderbouwd in commissie- en raadsvergaderingen, maar toenmalig wethouder Vis wilde er niets van weten. Hij had gelijk, het zwembad hoefde er niet op. De coalitie steunde hem en verwierp een motie van treurnis van de oppositie. En dus had de wethouder het gelijk van de meerderheid.

Maar de Autoriteit Consument en Markt (ACM) is toezichthouder op de wet Markt en Overheid en doet naar aanleiding van klachten een onderzoek. Precies over het zwembad kwam begin dit jaar een klacht binnen en startte de ACM een onderzoek. Ook dat was voor Vis geen reden om het zwembad voor de veiligheid maar op de lijst te zetten.

Inmiddels heeft de ACM een voorlopige conclusie getrokken die ze graag met de gemeente wil bespreken. Een conclusie die er niet om liegt:

“De ACM kan op dit moment tot geen andere conclusie komen dan dat de gemeente met de exploitatiebijdrage in feite de huur van het zwembad volledig terugbetaalt en dat hierdoor geen sprake is van het doorberekenen van (de integrale) kosten.”

Juist dat doorberekenen van die kosten is één van de dingen die de wet als voorwaarde stelt om geen markt verstorende werking te hebben. Hiermee zegt de ACM dus feitelijk dat de wijze waarop we het nu doen volgens de wet niet mag en dat het zwembad dus toch op de lijst hoort zoals PvdA en wijzelf altijd hebben bepleit.

Gelijk halen

In de brief kondigde het college aan dat er een nieuw voorstel komt (.pdf) waar al het maatschappelijk vastgoed van de gemeente in wordt opgenomen en toegevoegd aan de lijst. Dat is verstandig van het college, maar eigenlijk ook het enige wat ze kunnen doen. Het is fijn om gelijk te hebben, ook als politicus. Maar ik had liever gelijk gekregen in de gemeenteraad. Van een wethouder die onze argumenten op waarde had geschat en er iets mee had willen doen. Dat had wethouder Vis in januari een motie van treurnis bespaard en ons heel veel werk en gedoe. Dus als je me vraagt of ik nu blij ben: eigenlijk niet.

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten